Leerlingenprognose en stichtingsnorm

Nieuwe school stichten

Ouders en een bestaand schoolbestuur kunnen zelf een nieuwe school oprichten als er in de omgeving geen school is die aansluit bij de wensen van ouders. Bij de aanvraag moeten worden aangetoond dat er voldoende belangstelling is voor de school. Dit gebeurt via een leerlingenprognose. Bij het stichten van een school moet voldaan worden aan de stichtingsnorm.

Leerlingenprognose

Bij een aanvraag voor een nieuwe school moet uit een leerlingenprognose blijken dat de school na de startdatum genoeg leerlingen heeft en behoudt. DUO beoordeelt of er voldoende belangstelling is voor een school en of de leerlingenprognose goed is opgesteld. De minister beslist over de aanvraag voor een nieuwe school.

Stichtingsnorm

Voor een school kan starten moet er een minimumaantal leerlingen verbonden zijn aan de school. Dit heet de stichtingsnorm.

Stichtingsnorm basisonderwijs

In het basisonderwijs moet de stichtingsnorm binnen vijf jaar na de start van de bekostiging worden behaald. Hoeveel leerlingen aan een nieuwe basisschool verbonden moeten zijn verschilt per gemeente. De opheffingsnorm van de gemeente is bepalend. De stichtingsnorm is 1,6 keer de opheffingsnorm, en altijd minimaal 200 leerlingen.

Wettelijke stichtingsnorm voortgezet onderwijs

Voor het voortgezet onderwijs gelden wettelijke stichtingsnormen:

  • 390 leerlingen voor een nieuwe school voor vwo
  • 325 leerlingen voor een nieuwe school met havo en 130 leerlingen voor een havo-afdeling
  • 260 leerlingen voor een nieuwe school met mavo
  • 260 leerlingen voor een nieuwe school met vmbo, met minimaal 160 leerlingen voor een vmbo-profiel
  • 120 leerlingen voor een nieuwe school voor praktijkonderwijs

De stichtingsnorm moet behaald worden binnen de duur van de onderwijssoort. Dus voor een havo opleiding moet binnen 5 jaar aan de norm worden voldaan. 

Meer informatie

  • Deel deze informatie
  • Goed artikel?